02

Column: reactie op cultuurbrief

 

De mooiste zin in de beleidsbrief van minister Van Engelshoven vind ik:  “Cultuur is misschien wel de kern van de ontwikkeling van jonge mensen “ (Kim Putters-SCP). En haar eigen uitspraak: “het kabinet vindt dat kunst en cultuur thuishoort in het curriculum op het primair en voortgezet onderwijs” mag er ook zijn. Daar kunnen wij bij Kunstgebouw wel wat mee.

Het is goed dat er meer geld komt voor het bezoeken van cultuur. Alle kinderen moeten tijdens hun schooltijd een museum kunnen bezoeken. Hopelijk niet alleen een museum over vroeger maar ook over nu. Het geld daarvoor komt in de prestatiebox. Dat geeft scholen de vrijheid zelf een keuze voor een museum te maken (zoals de minister zegt) maar de prestatiebox geeft de school ook de vrijheid om het geld aan iets anders dan cultuureducatie te besteden. Tenzij de minister het geld oormerkt.

Er komt extra geld voor de Impuls muziekonderwijs. Deze regeling gaat eenmalig omhoog. Dat is fijn voor die scholen die nu hebben aangevraagd, maar voor nieuwe scholen is dit gebaar weinig serieus te nemen - je kunt tot 1 april 2018 aanvragen. Bovendien is het eenmalig geld en geen antwoord op het standpunt “het kabinet wil dat nog meer scholen goed muziekonderwijs kunnen geven”. Een impulsregeling is niet structureel, tenzij het aangekondigde onderzoek door de minister aansluit bij het onderzoek dat Sardes deed op verzoek van het FCP en waarin geconcludeerd wordt dat er een aanvullende regeling nodig is waardoor scholen de expertise van muziekpartners blijvend kunnen inzetten.

Kunst en cultuur horen thuis in het curriculum - dat vinden wij ook. En daar zijn we ook hard mee bezig. Het programma Cultuureducatie met kwaliteit stimuleert dat al enkele jaren en het is positief dat de minister het programma  als succesvol typeert en aanstuurt op voortzetting van de positieve ontwikkeling die in gang is gezet. Hoe dat eruit zal zien, is nog vaag maar de minister reserveert vast wat. Hopelijk denkt zij bij de uitwerking ook aan de wijze waarop de scholen alle gewenste kunst en cultuur gaan organiseren. Scholen zijn niet gebaat bij een bombardement aan educatieprogramma’s van culturele aanbieders, maar willen juist ondersteuning bij de keuze, bij de organisatie en de verbinding met andere vakken. Daarvoor bestaan provinciale en stedelijke organisaties. Dus als haar oproep aan de andere overheden om ook te reserveren die richting uitstuurt, kan de noodzakelijke ondersteuningsstructuur in den lande in stand blijven. En kan het extra geld dat de minister voor het jeugdtheater beschikbaar stelt ook leiden tot meer voorstellingen bínnen  de scholen.

Het is verstandig van de minister dat ze voor de toekomstige inhoud van het curriculum wacht op uitkomsten van de ontwikkelgroepen die werken aan een nieuw curriculum, ook voor kunst en cultuur. De resultaten worden in 2019 verwacht.

Al met al een hoopvolle brief van de minister met kansen om in de komende jaren met elkaar aan structureel beleid en niet alleen aan eenmalige impulsen te werken.

Margriet Gersie
directeur-bestuurder Kunstgebouw 

Lees verder: Visie op cultuur